Doneer nuBestel gratis
Ontstaan van astma - Duur: 02:23 Kunnen we astma bij kinderen voorkomen?

Astma bij kinderen voorkomen

Waardoor worden de longen van kinderen die de ziekte ontwikkelen plotseling stijf en dik? Het is nog grotendeels een mysterie hoe astma ontstaat. Onderzoeker Martijn Nawijn zoekt uit of een medicijn astma kan voorkomen of zelfs genezen.

Het middel dat astma in de toekomst zou kunnen voorkomen, zit al gedeeltelijk in het hoofd van medisch bioloog Martijn Nawijn. ‘Ik stel me voor dat het een poedertje wordt, dat kinderen die gevoelig zijn voor astma kunnen inhaleren’, zegt de onderzoeker aan het Universitair Medisch Centrum in Groningen. ‘Ze zouden het maar één of twee keer hoeven te gebruiken in hun jeugd, daarna niet meer.’

Wij gaan ons hier de komende jaren heel hard voor inzetten. Uw steun is daarbij onmisbaar.
Martijn Nawijn, onderzoeker
Steun nu dit onderzoek

Er moet nog veel gebeuren voordat dit medicijn echt kan worden gemaakt. Om astma te voorkomen of zelfs te genezen, probeert Nawijn samen met andere wetenschappers beter in kaart te brengen hoe de ziekte precies ontstaat in de longen bij kinderen.

‘We weten dat kinderen gevoelig zijn voor astma door bepaalde genen’, zegt hij. ‘We weten ook hoe de ziekte eruitziet bij volwassenen. Maar over de periode daar tussenin – het ontstaan van astma – is de kennis beperkt.’

NA EEN VIRUS

De longen van kinderen die astma ontwikkelen, veranderen langzaam. Hun luchtwegen wordt dikker en stijver. Hun longcellen beginnen anders te reageren op virussen en stofdeeltjes. Daardoor worden ze kortademig en krijgen ze het eerder benauwd.

Meestal ontstaat astma vlak nadat de luchtwegen van kinderen zijn geïnfecteerd met een virus, bijvoorbeeld tijdens een lage luchtweginfectie.’ ‘Maar de grote vraag is hoe dat proces in zijn werk gaat’, zegt Nawijn. ‘Waardoor worden de veranderingen in de longen precies veroorzaakt?’

Maar om het mysterie van astma op te lossen, moet hij in de longen van kinderen kijken. Aan dat laatste deel van de studie zitten wat haken en ogen. Kinderen gebruiken als proefpersoon, dat mag niet zomaar. Zeker niet aangezien er bij het onderzoek kleine stukjes weefsel moeten worden weggenomen uit de longen, om longcellen te kunnen onderzoeken in een laboratorium.

Als proefpersonen komen daarom alleen kinderen in aanmerking die toch al in het ziekenhuis liggen en bij wie de longen worden geïntubeerd om ernstige klachten te onderzoeken. ‘Dat wil zeggen dat er een buisje via hun mond hun longen ingaat om te kunnen kijken wat er mis is met hun longweefsel. Artsen halen dan ook piepkleine stukjes uit hun longen om de klachten te kunnen onderzoeken’, vertelt Nawijn.

Met toestemming van de ouders wordt er bij deze kinderen wat extra weefsel weggehaald voor zijn onderzoek naar het ontstaan van astma. ‘Het gaat om een miniem stukje. De kinderen hebben door die ingreep geen extra pijn of klachten.’

VERANDERINGEN STOPZETTEN

Nawijn heeft al een vermoeden van de uitkomst van zijn onderzoek. Hij denkt dat astma ontstaat door ingewikkelde processen in epitheelcellen. Dat zijn de buitenste cellen van de longen die contact maken met lucht. ‘Waarschijnlijk zorgen de astma-genen voor kleine veranderingen in dit weefsel, waardoor het stijf wordt en sneller geïrriteerd raakt.’

Als hij precies weet hoe die verdikkingen ontstaan, breekt het moeilijkste deel van zijn onderzoek aan. Hij wil een medicijn ontwikkelen om de veranderingen stop te zetten. Kinderen die gevoelig zijn voor astma zouden daarmee beschermd kunnen worden tegen de ziekte.

‘Je zou die kinderen kunnen selecteren op basis van hun genen’, zegt hij. ‘Zodra ze de ziekte gaan ontwikkelen, zouden we ze een medicijn willen geven dat hun longen soepel houdt en het ontstaan van astma stopt.’

Maar zover is het nog lang niet. Astma is volgens Nawijn niet zomaar de wereld uit. ‘Ons onderzoek bevindt zich nog in de beginfase. Of de ontwikkeling van het medicijn echt gaat lukken, weet ik niet. Dat is afwachten. Maar als we astma willen voorkomen of genezen, dan moet het volgens mij op deze manier. Ik heb dus goede hoop.’