Verkeerd verbonden: wat gaat er mis bij longemfyseem?
Bij longemfyseem lijken cellen in de longen elkaar verkeerde signalen te geven. Dr. Padmini Khedoe onderzoekt hoe dat werkt. Haar onderzoek kan helpen om longemfyseem eerder op te sporen én beter te behandelen.
Longemfyseem is een ernstige vorm van COPD. Hierbij raken de longblaasjes blijvend beschadigd. ‘De schade zit diep in de longen, op de plek waar zuurstof wordt opgenomen in het bloed’, legt onderzoeker Padmini Khedoe van het Leids Universitair Medisch Centrum uit. ‘Mensen met longemfyseem zijn sneller benauwd en krijgen vaker longinfecties.’
Schade eerder herkennen
Om longemfyseem eerder op te sporen en te stoppen, zijn twee inzichten interessant.
- Ten eerste zitten er meer afweercellen in beschadigde longblaasjes. ‘Die cellen lijken ook actiever te zijn en scheiden schadelijke stoffen af. We willen beter begrijpen waarom dat gebeurt.’
- Daarnaast liggen er kleine bloedvaatjes rond de longblaasjes. Ze zijn bekleed met zogenoemde endotheelcellen. Die helpen bij het opnemen van zuurstof en mogelijk ook bij herstel van de longen. ‘Bij longemfyseem verdwijnen deze bloedvaatjes soms al voordat er duidelijke schade aan de longblaasjes te zien is. Dat is interessant, want misschien kunnen we de ziekte daardoor eerder herkennen en verdere schade voorkomen.’
Deze twee inzichten worden in dit nieuwe onderzoek aan elkaar verbonden. Aan de ene kant een groter aantal afweercellen, aan de andere kant een verlies van bloedvaten.
'Het mooie is dat we voor ons onderzoek geen proefdieren meer nodig hebben.’
Atlas van de long
De onderzoekers maken een ‘atlas van de long’: een gedetailleerde kaart van cellen in gezond en beschadigd longweefsel. Dit doen ze om te begrijpen hoe afweercellen en cellen die de bloedvaten bedekken met elkaar samenwerken. Hiervoor vergelijken ze plakjes gezond longweefsel met plakjes longweefsel van mensen met emfyseem. Ze bekijken welke cellen aanwezig zijn en welke stoffen die cellen maken. Zo hopen ze beter te begrijpen hoe de cellen elkaar beïnvloeden.
Longemfyseem in een kweekschaaltje
In het tweede deel van het onderzoek bootsen de onderzoekers dit proces na in het laboratorium. ‘We brengen afweercellen en bloedvatcellen van mensen mét en zonder longemfyseem samen in een kweekschaaltje’, vertelt Khedoe. ‘Ook bekijken we welke stoffen en signalen uit het eerste deel van het onderzoek schade aan de bloedvaten veroorzaken.’ De onderzoekers kijken ook of bepaalde reacties misschien te remmen zijn met medicijnen. ‘De technieken zijn de afgelopen jaren sterk verbeterd. Daardoor kunnen we dit nu heel nauwkeurig onderzoeken met menselijke cellen. Het mooie is dat we daarvoor geen proefdieren meer nodig hebben.’
Op zoek naar nieuwe behandelingen
Tot slot vergelijkt Padmini Khedoe de resultaten met medische gegevens van patiënten, zoals longfunctietesten en CT-scans. Zo wil ze ontdekken of bepaalde stoffen iets zeggen over hoe ernstig de ziekte is of hoe snel die erger wordt. ‘Met deze aanpak hopen we belangrijke aanknopingspunten te vinden. Zo kunnen we longemfyseem hopelijk eerder opsporen en verdere schade misschien zelfs stoppen.’
Proefdiervrij onderzoek
In ongeveer een kwart van de onderzoeken die Longfonds steunt, wordt nog gebruik gemaakt van diermodellen. We doen ons best dit zoveel mogelijk te beperken. Er wordt hard gewerkt aan proefdiervrije alternatieven. Daarom investeren we ook in longonderzoek waarvoor geen proefdieren nodig zijn, zoals dat van dr. Padmini Khedoe. Zij kreeg 250.000 euro subsidie voor haar onderzoek waarin zij zich richt op het eerder opsporen en behandelen van COPD.
Tekst: Judith Langeland
Gegevens over het onderzoek
- Thema: Junior Investigatorsubsidie
- Looptijd: 01-04-2026 tot 01-10-2028
- Soort subsidie: Proefdiervrij onderzoek
- Bedrag: 250.000 euro
- Onderzoekers: Dr. Padmini Khedoe (LUMC)