Wat, waarom, hoe en wanneer?

Alles over de spirometrie

Vrijwel iedereen met astma of COPD heeft ‘m weleens gedaan: de spirometrie. Dat is een longtest waarmee de arts je longfunctie meet. De uitslag laat ook zien hoe ernstig de longafwijking is en welke medicijnen je arts je voor kan schrijven.

Spirometer en computer met daarop gegevens en longen

Heb je last van klachten als hoesten, slijm opgeven, benauwdheid, kortademigheid of heb je langdurig gerookt, dan kan de huisarts een longtest voorstellen. Die longtest, oftewel spirometrie, gaat na of je bijvoorbeeld astma of COPD hebt. Je kunt de test bij je huisarts doen, maar ook in het ziekenhuis of een speciaal laboratorium.

De spirometrie is een apparaat waar een mondstuk op zit. Hierdoor adem je lucht in en blaas je lucht uit. Een zachte klem op je neus zorgt ervoor dat er geen lucht ontsnapt via je neus. De computer meet hoeveel lucht je maximaal kan inademen en uitademen én hoe snel je dat kunt.

Drie keer

Om een betrouwbaar resultaat te krijgen, worden deze metingen driemaal gedaan. Daarna krijg je een inhalator die ervoor zorgt dat je luchtwegen meer open gaan staan. Na een kwartier doe je nog een keer de spirometrietest. Het onderzoek duurt gemiddeld een half uur tot drie kwartier. Soms volgt er ook nog een diffusietest. Die meet de snelheid waarmee de longen de ingeademde zuurstof aan het bloed doorgeven. Via de spirometrie adem je een combinatie in van koolstofmonoxide, methaan, zuurstof en stikstof. Na het inademen houd je tien seconden je adem in. Vervolgens adem je weer rustig uit. Het uitgeademde gas wordt onderzocht.

Vanuit de tenen

De spirometer is aangesloten op de computer. Je kunt de resultaten meteen bespreken met de zorgverlener die de test afnam. Aan je longfunctie is te zien of je COPD hebt of misschien een andere longziekte zoals astma. Ook is te zien hoe erg de longafwijking is en welke medicijnen bij jou waarschijnlijk werken.

Wilma Buesink, longconsulent bij Longzorg Oude IJssel: ‘Het onderzoek is niet pijnlijk maar wel inspannend. We vragen namelijk een behoorlijke inzet van de patiënt. Iemand moet echt vanuit de tenen lucht naar binnen ademen en ook zo hard mogelijk weer uitademen. Dat klinkt makkelijker dan het is! Het is de taak van de praktijkondersteuner of longfunctieassistente om zo aan te moedigen dat iemand het maximale uit zichzelf weet te halen. Alleen zo krijgen we een betrouwbaar resultaat.’

Wilma Buesink met haar paard

Hoe lager de waarde is, hoe meer de luchtwegen vernauwd zijn

Wilma Buesink

Conditie

Om uit te rekenen wat de kracht van je longen is, worden ook je leeftijd, geslacht, ras en lengte gebruikt. Buesink: ‘Het getal dat hier uit komt, is belangrijk voor de diagnose. Voor de controles in de jaren erna zegt zo’n getal niet zo veel. Het blijft min of meer hetzelfde als de klachten niet veel veranderen. Worden de klachten erger, dan ga je weer meten. Is dit getal veranderd, dan pas je je medicijnen daarop aan.’  Je conditie speelt trouwens ook mee. ‘Iemand met een longcapaciteit van 25% kan zo’n goede lichamelijke conditie hebben dat hij zich beter voelt dan iemand met een capaciteit van 45% met een slechtere conditie.’

1-seconde waarde

Voor de uitslag van de longfunctietest worden afkortingen van Engelse woorden gebruikt. FVC is de maximale hoeveelheid lucht die je kunt uitademen na een maximale inademing. FEV1 is de hoeveelheid lucht die je in de eerste seconde van de test uitblaast als je zo hard mogelijk uitblaast in een spirometer. Wilma Buesink: ‘Een patiënt die gezond is, ademt tussen 70% en 90% lucht uit in de eerste seconde van de test. Dit wordt ook wel de 1-seconde waarde genoemd. Hoe lager de waarde is, hoe meer de luchtwegen vernauwd zijn. Medicijnen kunnen er dan voor zorgen dat de longfunctie verbetert.’

Belangrijk om te weten

Als je voor de eerste keer een longfunctieonderzoek krijgt, is het belangrijk dat je tijdens acht uur voor het onderzoek geen luchtwegverwijder gebruikt. Als je dat wel doet, is de uitslag van de longfunctietest niet betrouwbaar (de meting valt dan te hoog uit). Gebruik je gewoonlijk een langwerkende luchtwegverwijder, dan moet je twaalf uur voor het onderzoek daarmee stoppen.

Spirometriemeter en longen, blauw en grijs

Zo hard mogelijk lucht in- en uitademen, dat klinkt makkelijker dan het is

Wilma Buesink

Tips & adviezen

  • Drink vanaf een uur voor het onderzoek geen koffie, sterke thee of cola.
  • Rook je, stop dan ruim zes uur vóór het onderzoek.
  • Je mag voor het onderzoek gewoon eten maar eet bij voorkeur iets lichts.
  • Draag tijdens het onderzoek gemakkelijk zittende kleding. Je kan dan makkelijker in- en uitademen.
  • Doe op de dag van het onderzoek geen dingen waar je vermoeid door raakt zoals sporten.
  • Heb je last van kortademigheid, kom dan ruim op tijd. Dan kun je in de wachtruimte op adem komen.

Meer handige tips?

Ontvang nu 3x ons magazine LONGWIJZER. Hierin staan ervaringen, tips en de laatste ontwikkelingen over longziekten.

Bestel nu gratis
LONGWIJZER magazine